Archief


Terug naar het archief

Pol De Vos

Cubaanse communisten sturen economisch beleid bij

Op 16 april 2011, dag op dag vijftig jaar nadat Fidel Castro het socialistische karakter uitriep van de Cubaanse Revolutie, vangt het 6e Congres van de Cubaanse Communistische Partij aan. Fidel deed deze uitspraak tijdens de begrafenis van de slachtoffers van de luchtbombardementen op de vooravond van de (door de VS gesteunde) invasie in de Varkensbaai (Playa Girn). Na drie dagen werden de Cubaanse huurlingen verslagen. Precies vijftig jaar na die overwinning maakt het 6e Congres haar besluiten bekend.

Om de lezer inzicht te geven in het belang van dit congres citeren we uitgebreid uit een toespraak van Ral Castro voor het Cubaans parlement op 18 december 2010, waarin hij een overzicht geeft van de broodnodige structurele hervormingen in de Cubaanse economie. Hij legt uit met welke externe en interne problemen Cuba te kampen heeft en zet de grote lijnen uit van de veranderingen die vanaf 2011 zullen worden doorgevoerd. Castro neemt hierbij geen blad voor de mond. Hij noemt de problemen bij naam en schetst kort de sterk veranderde internationale context. Hij bekritiseert niet alleen de wantoestanden in de Cubaanse economie maar ook de werking van de Cubaanse Communistische Partij (CCP).

De geplande economische en sociale hervormingen zijn belangrijk. Ze zullen de Cubaanse maatschappij grondig veranderen. Tegelijk geeft Castro aan dat het socialisme in Cuba niet ter discussie staat: Ik werd niet tot president verkozen om in Cuba het kapitalisme te herstellen noch om de Revolutie te gronde te richten. Ik ben verkozen om het socialisme te verdedigen, in stand te houden en verder te perfectioneren, niet om het te vernietigen. De maatregelen en alle wijzigingen die noodzakelijk bleken voor de actualisering van ons economisch model zijn gericht op het behoud, de versterking en de onherroepelijke verworvenheid van het socialisme.

In het tweede deel van onze bijdrage schetsen we de krachtlijnen van de geplande hervormingen. Dit overzicht is gebaseerd op het discussiedocument dat sinds begin november 2010 massaal in Cuba is verspreid. Het werd opgesteld door een commissie van het Centraal Comit op basis van brede discussies over heel het land in de voorbije twee jaar. Ook deze tekst wordt weer bediscussieerd in elke wijk, in elk bedrijf, op elke overheidsdienst. Opmerkingen, kritieken en voorstellen worden opnieuw gecentraliseerd en meegenomen in de voorbereiding van het 6e Partijcongres, waar de documenten ter stemming zullen worden voorgelegd.

Ral Castro: Het leven van de Revolutie staat op het spel[1]

Geleidelijke en progressieve invoering van de veranderingen vanaf 2011

Ondanks de gevolgen van de wereldcrisis voor onze economie, de onregelmatige regenval gedurende de laatste negentien maanden van november 2008 tot juni 2010 en los van onze eigen fouten kunnen we tevreden zijn over de uitvoering van het plan 2010 en zal zoals verwacht het bruto binnenlands product (bbp) met 2,1 % groeien. De uitvoer van goederen en diensten is gestegen. We hebben zelfs vr het jaar uit is het voorziene aantal buitenlandse toeristen aangetrokken, maar de inkomsten bleven opnieuw beneden de verwachtingen. Toch hebben we het binnenlandse financile evenwicht geconsolideerd en voor het eerst in vele jaren stellen wij een gunstige, hoewel nog beperkte dynamiek vast in de arbeidsproductiviteit in vergelijking met het gemiddelde salaris.

De beperkingen die wij ons einde 2008 moesten opleggen voor wat betreft de betalingen van Cubaanse banken aan buitenlandse leveranciers worden verder afgebouwd. Ze kunnen volgend jaar volledig afgeschaft worden en wij hebben aanzienlijke vooruitgang geboekt in de heronderhandeling van onze schulden met onze belangrijkste schuldeisers. De regering heeft nauwkeurige richtlijnen uitgevaardigd: we mogen geen nieuwe schulden maken als we niet zeker zijn die binnen de gestelde termijn te kunnen aflossen.

Het plan voor 2011 voorziet in een groei van het bbp van 3 %, en dit in een niet minder ingewikkeld en gespannen klimaat dan het afgelopen jaar. Het jaar 2011 is het eerste van de vijf jaar die deel uitmaken van de economische vooruitzichten op lange termijn, een periode waarin we geleidelijk en progressief structurele en conceptuele wijzigingen zullen aanbrengen aan het Cubaanse economische model. We zullen krachtdadig de overbodige uitgaven verminderen en zoveel mogelijk besparen. Zoals we al vaak hebben gezegd, is dat onze zekerste en snelste inkomstenbron. Dit wil echter niet zeggen dat wij de sociale programmas  de gezondheidszorg, het onderwijs, de cultuur en de sport  zullen verwaarlozen. Integendeel, wij willen hun kwaliteit verbeteren want we kunnen nog veel doeltreffender werken door rationeler gebruik te maken van de bestaande infrastructuur. Wij zullen ook de uitvoer van goederen en diensten opdrijven en vooral investeren in activiteiten die snel renderen.

Weg met onnauwkeurigheden en leugens

Voor wat betreft het plan en de begroting willen wij voor eens en voor altijd een einde maken aan het niet uitvoeren ervan of aan onverantwoorde wijzigingen. Het plan en de begroting zijn heilig. Ik herhaal het: van nu af aan zijn het plan en de begroting heilig. We stellen de planning op punt opdat ze zouden worden uitgevoerd. Het moet gedaan zijn om achteraf, wanneer de objectieven niet bereikt zijn, allerlei rechtvaardigingen te moeten aanhoren, gepaard met  bewuste of onbewuste  onnauwkeurigheden en leugens.

Sommige kameraden spelen ons soms, weliswaar zonder bedrieglijk opzet, onjuiste informatie door, afkomstig van hun ondergeschikten, zonder de moeite te doen ze te verifiren. Dat zijn onbewuste leugens, maar ze kunnen wel tot onjuiste beslissingen leiden die al dan niet ernstige gevolgen kunnen hebben voor het land. Wie op die manier handelt, liegt en moet, ongeacht wie hij of zij is, uit zijn functie verwijderd worden, niet tijdelijk, maar definitief. Desnoods moet hij of zij na analyse door het betrokken orgaan, uit de partij gezet worden.

We moeten alles in het werk stellen om voorgoed het leugenachtige en bedrieglijke gedrag van de kaders op alle niveaus uit te roeien. Niet voor niets heeft kameraad Fidel in zijn briljante definitie van het concept van de Revolutie als een van de criteria opgenomen: Nooit liegen en nooit de morele principes schenden.

Een echte oefening in democratie

Met de publicatie van het ontwerpdocument van de Orintaties voor het economisch en sociaal beleid op 9 november 2010, kwam de trein van het 6e Partijcongres op gang. Het echte Congres zal inderdaad de openlijke en vrije discussie over deze tekst zijn zoals die nu al bezig is door de militanten en het hele volk. Deze oefening in democratie zal toelaten de tekst te verrijken en, zonder afwijkende standpunten uit te sluiten, tot een nationale consensus te komen over de dringende noodzaak van strategische veranderingen in de werking van de economie om het socialisme in Cuba duurzaam en definitief te maken. Er is geen reden om schrik te hebben voor uiteenlopende meningen. Deze richtlijn, die overigens niet nieuw is, mag niet beperkt worden tot het debat over de Orintaties: afwijkende standpunten, bij voorkeur geformuleerd op de gepaste plaats, op het gepaste ogenblik en op een correcte manier, zijn altijd te verkiezen boven valse unanimiteit, gebaseerd op veinzerij en opportunisme. Bovendien is het een recht waarvan niemand verstoken mag blijven.

Hoe meer ideen bij de analyse van een probleem naar boven komen, hoe dichter we bij de gepaste oplossing zullen zijn.

Wij zijn ervan overtuigd dat de economische situatie de belangrijkste taak is van de partij en de regering en het basismateriaal voor de kaders van alle niveaus.

Bij elke beslissing moeten alle inlichtingen en alle argumenten ter rechtvaardiging op tafel komen. En terloops gezegd: er moet een einde komen aan de obsessieve geheimdoenerij die wij ons in die vijftig jaar van vijandelijk gestook hebben eigen gemaakt. Een staat moet altijd bepaalde kwesties geheimhouden  dat is logisch en niemand zal dat betwisten  maar niet die kwesties waarop de politieke en economische koers van het land is gebaseerd. Het is van vitaal belang de juistheid, de noodzaak en de hoogdringendheid van elke maatregel, hoe streng ook, uit te leggen en te staven en de bevolking ervan te overtuigen.

De partij, de Bond van jongcommunisten, zij aan zij met de Arbeiderscentrale van Cuba en de vakbonden die er deel van uitmaken, alsook met de andere massaorganisaties en sociale organisaties kunnen de steun en het vertrouwen van de bevolking winnen door een debat te organiseren dat vrij is van dogmas en ten dode opgeschreven schemas. Dat is nu net de essentile inhoud van de Nationale Conferentie van de partij die in 2011 zal volgen na het Congres: we zullen er onder andere analyseren welke wijzigingen we moeten aanbrengen in de werkmethodes en de werkstijl van onze partij.

Onjuiste en onhoudbare opvattingen over het socialisme omvormen

Dit nieuwe scenario vereist een verandering in de mentaliteit van de kaders en van al onze landgenoten. We moeten eenvoudigweg de onjuiste en onhoudbare opvattingen over het socialisme omvormen, opvattingen die jarenlang zijn vastgeroest in brede sectoren van de samenleving door de overdreven paternalistische, idealistische en egalitaristische benadering die de Revolutie ons in naam van de sociale rechtvaardigheid heeft ingeprent.

Velen van ons verwarren socialisme met gratis goederen en diensten en subsidies, en gelijkheid met egalitarisme. Ze beschouwen het rantsoenboekje als een onaantastbare sociale verworvenheid.

Ik ben ervan overtuigd dat veel van onze problemen hun oorsprong vinden in deze distributiemethode. In het begin was deze methode genspireerd door de gezonde wil om de bevolking te verzekeren van een stabiele aanvoer van voedingswaren en andere goederen, gezien de gewetenloze hamstering van sommigen uit winstbejag. Maar deze methode is ook een duidelijke uitdrukking van egalitarisme waarvan zowel diegenen die werken als diegenen die niet werken konden genieten, of zelfs diegenen die het niet nodig hadden, wat ruil en herverkoop op de zwarte markt enzovoort in de hand werkte.

Het is niet eenvoudig om deze complexe en gevoelige kwestie te regelen, want ze is nauw verbonden met de versterking van de rol van het loon in de maatschappij. Dat zal enkel mogelijk zal zijn als we erin slagen de arbeidsproductiviteit en het aanbod aan producten op te drijven en de kosteloze goederen en diensten en de subsidies af te schaffen. Net als voor de inkrimping van het teveel aan personeel, zal ook hier de socialistische staat niemand in de steek laten. Wie niet kan werken, zal bescherming krijgen van de sociale bijstand. In de toekomst zullen er nog subsidies toegekend worden, niet voor producten, maar voor die Cubanen die het om een of andere reden echt nodig hebben.

Als we koffie willen blijven drinken, zullen we hem zelf moeten produceren

Volgend jaar zullen wij ons niet de luxe kunnen permitteren om bijna vijftig miljoen dollar uit te geven voor de invoer van koffie in dezelfde hoeveelheden als nu om te verdelen aan alle verbruikers, met inbegrip van de pasgeborenen. Als we onbeperkt zuivere koffie willen blijven drinken, zullen we die in Cuba moeten produceren. In ons land zijn alle voorwaarden aanwezig om de hoogste kwaliteit te produceren in voldoende hoeveelheden om te voldoen aan de vraag en zelfs om uit te voeren.

Op het einde van de Amerikaanse agressieoorlog vroeg het heldhaftige en ongeslagen Vietnamese volk ons om hen te leren koffie te telen. Wij zijn naar ginder getrokken, we hebben het hen geleerd en onze ervaring aan hen doorgegeven. Een Vietnamese ambtenaar vroeg toen aan zijn Cubaanse collega: Jullie hebben ons geleerd hoe we koffie kunnen telen. Hoe komt het toch dat jullie er vandaag zelf moeten invoeren? Ik weet niet wat de Cubaan geantwoord heeft. Ongetwijfeld was het: Omwille van de blokkade.

Het socialisme wordt opgebouwd met respect voor de bijzonderheden van elk land

Wij hebben kunnen steunen op de theoretische marxist-leninistische erfenis die wetenschappelijk aantoont dat het socialisme haalbaar is, en op de praktische ervaring van andere landen. Toch is naar mijn bescheiden mening de economische opbouw van een nieuwe maatschappij een reis naar het onbekende. Reden te meer waarom elke stap degelijk moet overdacht en gepland worden vooraleer de volgende te zetten, zodat de fouten op de gepaste manier kunnen verbeterd worden, zonder te wachten tot de tijd ons er met onze neus op duwt. De tijd zal de problemen alleen maar verergeren en zal ons uiteindelijk een nog gepeperder rekening voorleggen.

Wij zijn ons ten volle bewust van de gemaakte fouten. De Orintaties geven juist het vertrekpunt aan van de noodzakelijke rectificatie en actualisering van ons socialistisch economisch model. En dat niemand zich hieraan mispakt: de Orintaties richten zich naar de socialistische toekomst, aangepast aan de voorwaarden van Cuba, en wensen geen terugkeer naar het kapitalistische en neokoloniale verleden dat door de Revolutie is weggeveegd. De planning, en niet de vrije markt, zal kenmerkend zijn voor onze economie, de concentratie van eigendom zal verboden zijn. Dat is zo klaar als een klontje, behalve uiteraard voor de uil die niet zienen wil.

Het socialisme moet opgebouwd worden met respect voor de bijzonderheden van elk land. Wij willen niet langer anderen kopiren, want die werkwijze heeft ons in het verleden heel wat tegenslagen opgeleverd, vooral ook omdat we slecht kopieerden. Dit betekent echter niet dat wij de ervaringen van anderen naast ons zullen neerleggen en dat wij niet van hen, of van de positieve ervaringen van de kapitalisten willen leren.

Noodzakelijke mentaliteitsveranderingen

Het werken als zelfstandige maakt het mogelijk het aanbod van goederen en diensten uit te breiden en bevrijdt de overheid van dat soort activiteiten zodat deze zich kan concentreren op de belangrijke problemen. We zijn al tot de conclusie gekomen dat werken als zelfstandige een mogelijke tewerkstellingspiste is voor de actieve bevolking. Het is dan ook aangewezen dat de partij en de regering dit vergemakkelijken in plaats van de zelfstandige te stigmatiseren op basis van vooroordelen of erger nog, hem te verketteren. Daarom moeten velen onder ons hun negatieve beoordeling van het werken als zelfstandige wijzigen. Toen de klassiekers van het marxisme-leninisme de kenmerken van de opbouw van de nieuwe maatschappij vastlegden, bepaalden zij onder andere dat de staat, die het hele volk vertegenwoordigt, de eigendom van de fundamentele productiemiddelen in handen moest hebben. Wij hebben dat tot een absoluut principe verheven, zodat bijna elke economische activiteit van het land door de staat werd gerund. De maatregelen om het werk als zelfstandige te verruimen en te versoepelen zijn het resultaat van diepgaande studie en analyse.

Anderzijds bestuderen de Arbeiderscentrale van Cuba en de nationale vakbonden die er lid van zijn, hoe en onder welke vorm zij deze arbeidskrachten kunnen ondersteunen, hoe zij de wet en de betaling van belastingen strikt kunnen doen naleven en de arbeiders zo opvoeden dat ze illegale arbeid afwijzen. We moeten de belangen van de zelfstandigen verdedigen zoals we dat doen voor eender wie, op voorwaarde dat de wetten worden gerespecteerd.

Er is nog veel te doen om de verschillende vormen van landbouwproductie te bevorderen zodat de productiekrachten optimaal kunnen renderen. Dit moet ons toelaten minder goederen in te voeren en de landbouwers een inkomen te verzekeren in overeenstemming met hun harde werk. Wat niet wil zeggen dat zij buitennissige prijzen mogen aanrekenen aan de bevolking.

Twee jaar geleden zijn we begonnen braakliggend land in vruchtgebruik te geven. Ik wil erop wijzen dat deze gronden eigendom zijn van heel het volk. Als de staat ze in de toekomst een andere bestemming wil geven, dan zullen de investeringen en de opbrengst van de vruchtgebruikers vergoed worden.

Een van de moeilijkste obstakels in de vorming van deze nieuwe visie  en dat moeten we openlijk durven toegeven  is het gebrek aan economische kennis van de bevolking. Zelfs tal van kaders spreiden een grove onwetendheid ten toon. Ze willen de dagelijkse problemen oplossen zonder rekening te houden met de vereiste uitgaven of ze vragen zich nooit af of er wel een budget voor is, of er voldoende middelen voorzien zijn in het plan.

Wij hebben de planning op middellange en lange termijn verwaarloosd

We hebben een gebrek aan cohesie, organisatie en cordinatie tussen de partij en de regering aan de dag gelegd. Te midden de dagelijkse dreigingen en de dringende bezigheden hebben we de planning op middellange en lange termijn verwaarloosd. Wanneer sommige leidinggevende personen de economische wetten overtraden of economische fouten maakten, zijn we niet veeleisend genoeg geweest en hebben wij te lang getreuzeld om beslissingen die niet het juiste effect hadden, recht te trekken.

Als wij de Revolutie willen redden, moeten we de conclusies uitvoeren en niet toelaten dat de documenten ergens in een schuif blijven liggen. Ofwel rectifiren we ofwel blijven we niet langer balanceren op de rand van de afgrond maar zullen we erin tuimelen en de inspanningen van ganse generaties teniet doen.

Onze eenheid is niet iets dat bij decreet wordt afgekondigd. Wij zullen des te meer verenigd zijn als wij vanaf de partijcel tot het hoogste orgaan van de staatsmacht volstrekt democratisch en geduldig tewerkgaan.

Er zijn in dit land heel wat positieve dingen en onze bevolking is hoogopgeleid. Onze pers doet het nodige om de verworvenheden van de Revolutie in de verf te zetten en ook in onze toespraken komen ze rijkelijk aan bod. Maar we moeten ook de wortel van het kwaad aanpakken. Het leven van de Revolutie staat op het spel.

Als wij de fouten eerlijk analyseren, kunnen we ze omvormen tot ervaringen en lessen zodat we niet in herhaling vallen. Dat is het grote nut van een grondige analyse van de fouten. Het moet een permanente gedragsnorm worden voor alle leiders.

U kent het gezegde: een ezel stoot zich geen twee keer aan dezelfde steen. Welnu, ik ken er die zich vijf, zes, tien keer aan dezelfde steen hebben gestoten. Als we ze niet tegenhouden, zullen ze zich blijven stoten aan diezelfde steen. En het is niet alleen dat dat zo pijnlijk is, maar deze fouten kosten ons miljoenen!

Reken eens uit hoeveel miljoenen de niet-uitvoering van de economische plannen ons gekost heeft en dan weet u hoeveel problemen we hadden kunnen oplossen.

Een einde maken aan de obsessieve geheimdoenerij

Ja, ik ben er voorstander van de strijd aan te gaan met de obsessieve geheimdoenerij. Want die prachtige sluier verbergt onze zwakke plekken. Ik herinner me dat ik heel wat jaren geleden de pers had gevraagd enkele kritieken te publiceren. Geen kritiek op een bepaald orgaan maar op een product. Onmiddellijk trad de hele bureaucratie in werking: Dat helpt niet, dat demoraliseert de werknemers! Welke werknemers gaan we zo demoraliseren?

Het ging om de grote melkfabriek Triangulo. Al weken was een van de trucks die de melk moesten ophalen kapot. En dus werd de melk van een deel van de fabriek, niet van heel de fabriek, aan de varkens gevoederd!

Ik heb een toenmalige secretaris voor landbouw van het Centraal Comit gevraagd dit door te geven aan de Granma (krant van de Communisische Partij van Cuba, nvdr) en een kritiek op te stellen. Bleek dat ik de knuppel in het hoenderhok had gegooid! Niemand wist dat ik daartoe de opdracht had gegeven en dus kwamen sommigen naar mij met de opmerking: Dat helpt niet, dat demoraliseert de werknemers! En dat dichtbij de provinciehoofdplaats, waar men de melk aan de varkens gaf!

Als ge uw tekortkomingen wilt geheim houden, maak dan geen fouten!

Twee plus twee is vier

De cijfers halen het van onze verwachtingen en verlangens. De elementairste rekenkunde leert ons dat twee plus twee vier is en geen vijf of zes. Maar door onze fouten wordt twee plus twee soms drie. Als we dus op een gegeven ogenblik op economisch en sociaal vlak iets willen doen dat de beschikbare middelen overschrijdt, dan moeten we er ons van bewust zijn dat de feiten ons uiteindelijk brutaal zullen inhalen, ondanks al onze goede intenties.

Het leven dringt ons deze conclusie op: onzinnige verboden zetten aan tot overtredingen, wat op zijn beurt leidt tot corruptie en straffeloosheid. De bevolking is dan ook terecht ongerust over de pesterijen bij de huisvesting en bij de koop en verkoop van wagens tussen personen, om maar enkele voorbeelden te geven van situaties die we nu willen aanpakken. Want de staat stelt regels op voor haar omgang met het individu, maar hoeft zich niet te mengen in de relaties tussen individuen en moet deze ook niet aan regels willen onderwerpen. Als ik een wagen heb, mag ik die verkopen aan wie ik wil, op voorwaarde dat ik de normen, vastgelegd in het eigendomsregister, respecteer.

Wij zijn ons ook ten volle bewust van de schade die de omgekeerde pyramide jarenlang heeft toegebracht aan de kaderpolitiek, namelijk de kloof tussen de lonen en het belang en de hirarchie van de leidinggevende functies en het ontbreken van een gepaste differentiatie tussen de functies. Dat remt de promotie af van de bekwaamste kaders naar hogere verantwoordelijkheden in de ondernemingen en de ministeries.

Het laatste Congres van de historische generatie

Het 6e Congres wordt onvermijdelijk het laatste voor de meesten van ons die behoren tot de historische generatie. Zo is nu eenmaal het leven en dat mogen we nooit vergeten. Er rest ons maar weinig tijd, de taak is gigantisch en, zonder blijk te willen geven van persoonlijke ijdelheid of sentimentalisme of een gebrek aan nederigheid, denk ik dat het onze plicht is gebruik te maken van de morele autoriteit die wij hebben in de ogen van het volk om de te volgen weg uit te tekenen en enkele belangrijke kwesties op te lossen.

Wij denken niet dat wij intelligenter of bekwamer zijn dan anderen, verre van, maar wij zijn ervan overtuigd dat het onze elementaire plicht is de fouten te corrigeren die wij tijdens de vijftig jaren van opbouw van het socialisme in Cuba hebben gemaakt.

Als een kader zich niet bekwaam genoeg vindt om de nieuwe orintaties toe te passen, moet hij zijn ontslag indienen

In 1959 hebben sommige kaders die voor de regering werkten, hun ontslag ingediend uit protest tegen de eerste radicale maatregelen van de Revolutie. Ze werden bestempeld als contra-revolutionairen en hun ontslag werd aanvaard. Vandaag geldt het tegenovergestelde: als een kader het niet meer ziet zitten of zich onbekwaam voelt om zijn functie uit te oefenen of om de nieuwe orintaties uit te voeren, is het correct dat hij, waardig en onbevreesd, zijn ontslag indient. Het is altijd beter dan ontslagen te worden.

Ik wil hier het geval aanhalen van drie kameraden die een belangrijke verantwoordelijkheid hadden in de leiding van de partij en in de regering en aan wie het Politiek Bureau na analyse van hun fouten heeft gevraagd zich terug te trekken als lid van dit leidend orgaan, het Centraal Comit, en als afgevaardigde van de Nationale Vergadering van de Volksmacht.

Het gaat om Jorge Lus Sierra Cruz, Yadira Garca Vera en Pedro Saez Montejo. De eerste werd ook ontslagen als minister van Transport en vice-voorzitter van de regering, de tweede als minister van Zware Industrie. Sierra had zich onterecht bepaalde bevoegdheden toegekend, wat leidde tot grove fouten waarvoor we nog altijd betalen. Yadira Garca stond aan het hoofd van een belangrijk ministerie (met onder andere de petroleumwinning, de mijnen enzovoort) maar leverde slecht werk af. Ze oefende onvoldoende controle uit op de investeringsmiddelen, wat resulteerde in verspilling. Dat hebben we kunnen vaststellen bij de uitbreiding van het nikkelbedrijf Pedro Sotto Alba in Moa (provincie Holgun). Deze twee kameraden werden openlijk gekritikeerd op twee gezamenlijke vergaderingen van een commissie van het Politiek Bureau en van het Uitvoerend Comit van de Ministerraad.

Pedro Saez Montejo van zijn kant legde een dusdanige oppervlakkigheid aan de dag dat die niet in overeenstemming te brengen was met zijn functie van eerste secretaris van de partij in Havana. Bovendien schond hij de partijnormen. Dat werd met hem besproken op een vergadering van een commissie van het Politiek Bureau die ik heb voorgezeten en waaraan ook Machado Ventura en Esteban Lazo hebben deelgenomen.

Ik moet eraan toevoegen dat de drie hun fouten hebben erkend en correct hebben gereageerd. De Commissie van het Politiek Bureau heeft dan ook beslist dat ze militant van de partij kunnen blijven en dat ze werk toegewezen krijgen in overeenstemming met hun respectievelijke specialiteit. Sommigen zullen helemaal onderaan moeten werken. Maar Sierra bijvoorbeeld, een ingenieur mechanica, komt aan het hoofd te staan van een klein atelier met elf of veertien andere kameraden voor algemene herstellingen van tanks en de productie van onderdelen.

Op persoonlijk vlak zullen zij altijd mijn vrienden blijven maar mijn engagement ligt bij het volk en in het bijzonder bij diegenen die gesneuveld zijn in de achtenvijftig jaar van onafgebroken strijd sinds de staatsgreep van 1952. Tegenover deze drie hooggeplaatste leiders van de partij en de regering hebben we zo gehandeld, maar de partij en de regering zullen ook in de toekomst voor alle kaders die lijn volgen. Wij zullen almaar veeleisender worden en wanneer de vastgelegde normen overschreden worden, zullen wij ingrijpen en disciplinaire maatregelen treffen.

Het socialisme is de enige garantie

Groot waren de uitdagingen en ook de gevaren sinds de overwinning van de Revolutie, vooral sinds de overwinning op Playa Girn, maar we zijn voor geen enkele moeilijkheid geplooid. Wij staan er nog altijd en wij zullen er blijven staan dankzij de waardigheid, de integriteit, de moed, de ideologische vastberadenheid en de revolutionaire opofferingen van het Cubaanse volk, dat zich sinds lang het idee heeft eigen gemaakt dat het socialisme de enige garantie is voor het behoud van de vrijheid en de onafhankelijkheid.

Beleidslijnen voor de economische en sociale politiek[2]

De economische strijd is vandaag, meer dan ooit, de belangrijkste taak en de kern van het ideologische werk van de kaders, want daarvan hangt de duurzaamheid en het behoud van ons sociaal systeem af.

Ral Castro, 4 april 2010[3]

Bij de uitvoering van de krijtlijnen van het door het 6e Congres van de Communitische Partij van Cuba voorgestelde economisch beleid moeten we onze economie op een nieuwe leest schoeien, rekening houdend met de belangrijkste actuele gebeurtenissen en omstandigheden in binnen- en buitenland.

Internationale problemen

Op internationaal vlak hebben wij te maken met een structurele crisis van het systeem en tegelijk een economische en financile crisis en een energie-, voedsel- en milieucrisis. De ontwikkelingslanden worden het hardst getroffen. Cuba heeft een open economie en is afhankelijk van haar buitenlandse economische handelspartners. De crisis kwam tot uiting in de onstabiele prijzen van de uitgewisselde producten en de vraag naar export van goederen en diensten, alsook in de inkrimping van de toegang tot buitenlandse investeringen.

Bovendien hebben de VS hun vijftig jaar durende economische, commercile en financile blokkade nog verstrengd. De huidige Amerikaanse regering heeft dus niet voor verbetering gezorgd.

Uiteraard creerde ALBA (Alianza Bolivariana para los Pueblos de Nuestra Amrica de Bolivariaanse Alliantie voor de Volkeren van Ons Amerika) vanaf eind 2004 nieuwe mogelijkheden voor Cuba onder de vorm van nieuwe inkomsten uit diensten, hoofdzakelijk medische hulp aan Venezuela en andere landen in de regio. Ook knoopten we aanzienlijk meer commercile en financile betrekkingen aan met andere landen waaronder China, Vietnam, Rusland, Angola, Iran, Brazili en Algerije.

De verliezen, te wijten aan zestien orkanen tussen 1998 en 2008, worden geraamd op 20,564 miljard dollar. Aanhoudende droogte tussen 2003 en 2005 veroorzaakte dan weer voor 1,35 miljard dollar aan schade. Hetzelfde probleem deed zich voor in 2009 en 2010, maar daarvan zijn nog geen cijfers beschikbaar.

Interne problemen

Ook op binnenlands vlak kunnen we een aantal factoren opsommen: gebrek aan doeltreffendheid, besparingen in de productieve basis en de infrastructuur, de veroudering van de bevolking en een stagnerende bevolkingsaangroei. Vanaf 2005 bleek dat onze economie niet in staat was het hoofd te bieden aan het deficiet op de betalingsbalans, de commissies van de banken bij buitenlandse transferten en de grote stijging van het bedrag van de schuldaflossingen. De economie kwam onder spanning te staan. Het economisch plan moest worden aangepast aan de beschikbare middelen.

Wij gaven prioriteit aan de stijging en de diversifiring van de uitvoer en de productie van nieuwe goederen en diensten ter vervanging van de ingevoerde. De beschikbare buitenlandse kredieten werden herverdeeld en toegekend aan projecten die op korte tijd het grootste effect zouden hebben op de betalingsbalans.

Braakliggende gronden werden in vruchtgebruik gegeven met de bedoeling de productie van voedingsgewassen op te drijven en de invoer af te remmen en er werd strategisch genvesteerd in de industrie.

Om de staat te verlichten van bepaalde diensten werden een aantal experimenten opgezet zoals het verhuren van heren- en dameskapsalons en van taxis aan werknemers die deze activiteiten voorheen voor de overheid uitvoerden.

Deze maatregelen volstonden niet om de belangrijkste problemen op te lossen en een veelzijdiger economie op te bouwen. Het zal nodig zijn de nog braakliggende gronden in exploitatie te geven en het rendement van de landbouw op te drijven. Ook moeten we op zoek gaan naar alternatieve financieringsbronnen voor de industrie en de productieve infrastructuur van ons land.

Een volgend punt is de afbouw van het teveel aan personeel in alle sectoren van de economie en een herstructurering van de tewerkstelling, met inbegrip van de tewerkstelling in niet door de staat gerunde activiteiten, om zo het paternalisme uit te schakelen. De arbeidsproductiviteit moet naar omhoog, de discipline moet strakker en de motivering van de werknemers moet met loon en andere incentives verbeterd worden. Op die manier kunnen we komaf maken met het egalitarisme in de verdeling en herverdeling van het inkomen. Als onderdeel van dat proces zal het noodzakelijk zijn een einde te maken aan de onterechte kosteloosheid en buitensporige subsidies.

We moeten onze exportcapaciteit terugwinnen in traditionele sectoren, de export van goederen en diensten duurzaam verhogen en diversifiren en minder afhankelijk worden van ingevoerde producten en diensten.

Socialisme staat voor gelijke rechten en gelijke kansen, niet voor egalitarisme

Het economisch beleid in de nieuwe etappe zal beantwoorden aan het principe dat enkel het socialisme in staat is de moeilijkheden te overwinnen en de verworvenheden van de Revolutie in stand te houden en dat in de modernisering van het economisch model het plan primeert en niet de vrije markt.

Onder het voorgestelde economisch beleid geldt dat het socialisme staat voor gelijke rechten en gelijke kansen voor alle burgers, maar niet voor egalitarisme. Arbeid is terzelfder tijd een recht en een plicht, een motivatie voor persoonlijke verwezenlijking die vergoed zal worden in overeenstemming met de kwaliteit en de kwantiteit van die arbeid.

Doelstellingen op korte en op lange termijn

Op korte termijn moeten maatregelen genomen worden die onmiddellijk effect hebben op de economische efficintie, de arbeidsmotivatie en de verdeling van het inkomen. Ze moeten de nodige infrastructurele en productieve voorwaarden scheppen die de overgang naar een hoger ontwikkelingsstadium mogelijk maken. Op lange termijn gaan we op zoek naar duurzame oplossingen. Wij willen in grote mate zelfvoorzienend worden voor voedsel en energie, efficint gebruik maken van het menselijk potentieel, competitief zijn in traditionele productiesectoren alsook in de ontwikkeling van nieuwe goederen en diensten met een hoge toegevoegde waarde.

De belangrijkste maatregelen

Economisch model
  • Het socialistisch plan zal de belangrijkste weg blijven voor het bestuur van de nationale economie en zal op zijn beurt ruimte bieden aan nieuwe vormen van bestuur en leiding van de nationale economie.
  • Naast de socialistische staatsonderneming, de belangrijkste ondernemingsvorm van de nationale economie, moeten ook de ondernemingen met gemengd kapitaal, de coperatieven, de vruchtgebruikers van bepaalde gronden, de huurders van staatsfaciliteiten, de zelfstandigen en andere vormen die kunnen bijdragen tot de efficintie van de sociale arbeid, erkend en gestimuleerd worden.
  • In de nieuwe ondernemingsvormen die geen staatsondernemingen zijn, zal de eigendom niet geconcentreerd zijn in handen van juridische of natuurlijke personen.
  • De planning geldt niet alleen voor de staatsondernemingen of de Cubaanse ondernemingen met gemengd kapitaal, maar ook voor de ondernemingen die niet door de staat gerund worden en die ervoor in aanmerking komen.
Macro-economische politiek
  • De objectieven voor de nationale economie en het monetaire en fiscale beleid beter cordineren.
  • Een extern evenwicht creren dat gebaseerd is op een positieve betalingsbalans en gedragen wordt door de rele economie, wat zal toelaten het onevenwicht in onze financile rekening te compenseren.
  • Een meer efficinte relatie bewerkstelligen tussen het gerealiseerde verbruik op basis van het inkomen, afkomstig uit arbeid en sociale consumptiefondsen.
De productie van goedere en diensten garanderen
  • Een stijging van de arbeidsproductiviteit realiseren die groter is dan de stijging van het gemiddelde inkomen van de werknemers.
  • Een duurzame groei van de economische efficintie bewerkstelligen.
  • Het aandeel van de invoer in het productieproces en de capaciteit om inkomsten in buitenlandse deviezen te genereren, duurzaam en op middellange en lange termijn met elkaar in overeenstemming brengen.
Een nieuwigheid voor de meeste Cubanen: belastingen betalen
  • De belastingen zullen algemeen en rechtvaardig zijn. De hogere inkomens zullen meer belast worden, zodat de ongelijkheid tussen de burgers beperkt blijft.
  • De bevolking moet opgevoed worden. Haar sociale verantwoordelijkheidszin moet aangescherpt worden zodat elke burger zijn of haar belastingplicht correct vervult. Alle burgers moeten leren bijdragen aan de sociale onkosten en een hoge graad van fiscale discipline verwerven.
  • De uitgaven in de sociale sector zullen overeenstemmen met de rele mogelijkheden van de financile middelen die door de economie gegenereerd worden.
Het prijzenbeleid
  • Het prijzensysteem moet volledig herzien worden zodat economische activiteiten correct kunnen gemeten worden, de efficintie, de groei van de export en de productie ter vervanging van de invoer gestimuleerd worden en subsidies en onterechte kosteloosheid kunnen afgeschaft worden.
Buitenlandse investeringen
  • De deelname van buitenlands kapitaal in voor ons land interessante activiteiten blijven bevorderen als aanvulling van de nationale investeringsinspanningen.
  • Buitenlandse investeringen aantrekken die verscheidene objectieven dienen zoals: de toegang tot hoogwaardige technologie en nieuwe managementsmethodes, diversifiring en uitbreiding van de exportmarkt, vervangingsproducten voor ingevoerde goederen en diensten, de inbreng van buitenlandse investeringen.
  • Een strenge controle uitoefenen op de naleving van de reglementen, procedures en gedane beloften door de buitenlandse partners.
  • Het creren van Speciale Ontwikkelingszones promoten die toelaten de export op te drijven, eigen goederen en diensten te produceren ter vervanging van de ingevoerde, die hoogtechnologische en lokale ontwikkeling mogelijk maken of nieuwe tewerkstellingspistes openen.
Samenwerking
  • Ervoor zorgen dat de internationale samenwerking met en door Cuba zich verder ontwikkelt in overeenstemming met de nationale belangen en garanderen dat alle activiteiten kaderen in het nationaal plan.
  • De internationale solitariteit verder ontwikkelen doorheen de samenwerking die Cuba aanbiedt en de nodige economische en statistische rapporten opstellen die toelaten de vereiste analyses te maken, in het bijzonder van de kosten. In de mate van het mogelijke proberen om minstens de onkosten te recupereren.
Economische integratie
  • Prioriteit geven aan onze deelname aan ALBA (Alianza Bolivariana para los Pueblos de Nuestra Amrica), en met spoed en ijver werken aan de economische cordinatie, samenwerking en complementariteit.
  • De actieve deelname en economische integratie met Latijns-Amerika en de Caraben verder zetten als strategisch objectief en de medewerking aan regionale initiatieven voor commercile integratie in stand houden.
Sociaal beleid
  • De verworvenheden van de Revolutie in stand houden: de toegang garanderen tot gezondheidszorg, onderwijs, cultuur, sport, ontspanning, sociale zekerheid en sociale bijstand voor wie het nodig heeft.
  • De arbeid herstellen als fundamentele bijdrage van het individu aan de ontwikkeling van de maatschappij en voor de bevrediging van de persoonlijke en familiale behoeften.
  • Blijven werken aan de perfectionering van het onderwijs, de gezondheidszorg, de cultuur, de sport om de buitensporige onkosten in de sociale sector te verminderen of weg te werken.
Gezondheidszorg
  • De kwaliteit van de diensten verhogen, besparingen doorvoeren, een efficinte inzet van de beschikbare middelen garanderen en onnodige kosten wegwerken.
  • De gezondheidsdiensten territoriaal reorganiseren en efficint gebruik maken van de beschikbare technologie. IJveren voor een betere klinische diagnose en een rationeel gebruik van de middelen voor aanvullende studies, in het bijzonder de aanwending van de duurste technologie. De invoering van ziekteprotocols eisen en consolideren.
  • Meer mogelijkheden creren voor gezondheidsopvoeding van de bevolking om zelfmedicatie en overconsumptie van geneesmiddelen te voorkomen.
Loon en tewerkstelling
  •   Erop toezien dat de loonmaatregelen iedereen loon naar werk verzekeren en dat kwaliteitsproducten en -diensten worden afgeleverd.
  • De lonen prioritair laten stijgen voor die arbeidsplaatsen die inkomsten in buitenlandse deviezen genereren of besparen; die onmisbare voedingsmiddelen en andere verbruiksgoederen produceren en de ontwikkeling van investeringen stimuleren. Bijzondere aandacht moet geschonken worden aan de invoering van nieuwe wetenschappelijke ontwikkelingen en technologien in de productie.
  • De structuur van de tewerkstelling wijzigen, het teveel aan personeel wegwerken en de tewerkstelling in niet-staatsbedrijven opdrijven. Met dit doel voor ogen moeten we:
    • Het werk voor eigen rekening stimuleren, wat het aanbod aan goederen en diensten zal doen toenemen. Een belastingsysteem invoeren dat een bijdrage garandeert in overeenstemming met de inkomsten.
    • Arbeidsverantwoordelijkheid ontwikkelen, wat een einde zal maken aan paternalistische houdingen. De noodzaak van werken stimuleren.
    • Een werknemerspotentieel opbouwen met een opleiding die beantwoordt aan de huidige eisen en ontwikkeling van het land; gebreken in de opleidingsstructuur van hoogopgeleide specialisten, medische technici en geschoolde arbeiders wegwerken.
    • De rol van het loon in de maatschappij versterken, de kosteloosheid en buitensporige subsidiring afbouwen, met oog voor de bescherming van de noodlijdenden.
    • De afschaffing van het rantsoenboekje dat een vorm van gestandardiseerde, egalitaire verdeling aan gesubsidieerde prijzen vertegenwoordigde, dat zowel de behoeftige als niet behoeftige burger bevoorrechtte, dat de mensen aanzette tot ruil en herverkoop en een zwarte markt in het leven riep.
    • De sociale verdeling van voedingswaren in stand houden in de sociale diensten, in de gezondheidscentra en opleidingsinstituten waar nodig. Het is noodzakelijk dat we deze kanalen perfectioneren om de kwetsbare of met voedselschaarste bedreigde bevolking te beschermen.
    • Garanderen dat de bescherming van de sociale bijstand terecht komt bij wie het echt nodig heeft. De sociale bijstand afschaffen of aanpassen daar waar de mensen in kwestie of hun verwanten de verantwoordelijkheid kunnen nemen. Parallel hiermee moet alle sociale bijstand gentegreerd worden in n uniek cordinatiecentrum.
Agro-industrieel beleid
  • We moeten ervoor zorgen dat het land niet langer een netto-invoerder is van voedingswaren en de hoge graad van financile afhankelijkheid afbouwen die vandaag wordt goedgemaakt door inkomsten uit andere sectoren.
  • Een nieuw bestuursmodel invoeren in overeenstemming met de overwegende aanwezigheid van productievormen die niet door de staat gerund worden. Dit moet gebeuren door efficinter gebruik te maken van de monetaire betrekkingen en handelsrelaties met het oog op een grotere autonomie en een hogere doeltreffendheid van de producenten.
  • Op korte termijn voorrang geven aan de vervanging van de import van producten die doeltreffend in eigen land kunnen geproduceerd worden.
  • Niet-productieve gronden in gebruik nemen en het rendement opdrijven door diversificatie, wisselbouw en biopesticiden. De ontwikkeling van een duurzame landbouw in harmonie met het milieu, die de efficinte inzet van het erfgoed van planten en dieren bevordert, met inbegrip van het zaaigoed, de variteiten en de technologische discipline en die het gebruik aanmoedigt van organische meststoffen, biomeststoffen en natuurlijke gewasbeschermingsmiddelen.
  • De organisatie van de arbeidskrachten in collectieven, waar de mens op een correcte manier wordt tewerkgesteld naargelang zijn vakgebied en medeverantwoordelijk is voor de eindresultaten, wat zal leiden tot een toename van het aantal werknemers in de landbouw en de veeteelt, een verhoging van hun inkomen en een verbetering van hun levenskwaliteit.
  • Actualisering en uitvoering van programmas, gericht op het behoud en het herstel van de natuurlijke hulpbronnen (de bodem, het water, bossen, planten en dieren), de strictere toepassing van de reglementen en van de bestraffing van overtredingen.
Industrieel beleid
  • De industrile groei moet gericht zijn op de verhoging van de export, waardoor de import kan afgebouwd worden.
  • Op korte termijn de industrile sector herorinteren om aan de vereisten van de markt te voldoen door de productie van verbruiksgoederen die nodig zijn voor de verschillende productievormen (in het bijzonder de coperatieven en de zelfstandigen); het aanbod van de materile uitrusting voor de productie op kleine schaal ontwikkelen, in het bijzonder voor de verdere uitbouw van de lokale industrie.
  • Prioritair aandacht hebben voor het investeringsproces en het milieueffect op de industrile ontwikkeling en in het bijzonder voor de industrietakken van de chemie en de petrochemie, nikkel, cement en andere bouwmaterialen.
Energiebeleid
  • De nationale productie van ruwe olie en gas opdrijven, de bestaande olie- en gasvelden verder ontwikkelen en met spoed de aangevatte geologische prospectie van nieuwe velden afwerken, met inbegrip van de exploratiewerken in de Golf van Mexico.
  • De capaciteit voor de raffinage van ruwe olie opdrijven tot volumes die toelaten de invoer van afgeleide producten te verminderen.
Handelsbeleid
  • Onze economie functioneert binnen bepaalde voorwaarden die een herstructurering van zowel de groothandel als de kleinhandel vereisen.
  • De structuur en organisatie van de kleinhandel moeten leiden tot een diversificatie van de kwaliteit en het assortiment van de aangeboden goederen en diensten zodat ze beantwoorden aan de vraag en de toegangsmogelijkheden van verschillende segmenten van de bevolking. Dit maakt deel uit van de factoren die kunnen bijdragen tot een betere arbeid.
  • De verschillende vormen van distributie in de groothandel vastleggen, met inbegrip van de nieuwe productie- en dienstenmodaliteiten die niet door de staat gerund worden, alsook het bereik en de kenmerken van het distributienet van de kleinhandel.
  • De groei van de consumptie moet bij voorkeur komen van de consumptie van dierlijke protene, kleding en schoenen en ook de verkoop van huishoudapparaten, bouwmaterialen, meubilair en binnenhuisinrichting.

Pol De Vos (pdevos bij itg.be) is arts en werkt op het Departement Volksgezondheid van het Instituut voor Tropische Geneeskunde in Antwerpen. In 2010 behaalde hij de graad van doctor in de medische wetenschappen aan de Gentse universiteit met het proefschrift Strengthening public health systems: an analysis of global trends and counter-praxis in Cuba. Hij bestudeert de hervormingen van de gezondheidssystemen in Latijns-Amerika en de organisatie van de gezondheidzorg in Cuba.
Hij is lid van de het Departement Studie en Vorming van de Partij van de Arbeid van Belgi. (Bibliografie op poldevos.blogspot.com).


[1] Uittreksels uit de toespraak van Ral Castro Ruz, president van Cuba, voor de Nationale Vergadering van de Volksmacht in Havana, 18 december 2010. [http://www.cuba.cu/gobierno/rauldiscursos/2010/esp/r181210e.html, en http://www.cuba.cu/gobierno/rauldiscursos/2010/fra/r181210f.html]. Samenvatting en tussentitels: Pol De Vos.

[2] Discussiedocument opgesteld door het Centraal Comit van de Communistische Partij van Cuba ter voorbereiding van het 6e Partijcongres. Sinds november 2010 cirkuleert dit document over heel Cuba. [http://www.latinreporters.com/cubaVIcongresoPCproyecto.pdf.] Uittreksels en tussentitels: Pol De Vos.

[3] Toespraak van Ral Castro Ruz op de Slotzitting van het 9e Congres van de Communistische Jongerenbond, Havana, 4 april 2010. [http://www.cuba.cu/gobierno/rauldiscursos/2010/esp/r030410e.html; in het Frans: http://www.cuba.cu/gobierno/rauldiscursos/2010/fra/r030410f.html.]